Wie zijn de ondernemende vrouwen?

business-woman-1240300-1279x829Op 15 februari trok zij-kant naar West-Vlaanderen voor de vijfde editie van onze info- en netwerkavond voor ondernemende vrouwen. In samenwerking met VIVA-SVV West-Vlaanderen en het Economisch Huis boden we onderneemsters een avond vol tips en tricks. Maar hoe zit het eigenlijk met vrouwen en ondernemen? Enkele cijfers.

Aantal

– 34% van alle zelfstandigen in België is een vrouw.

– België telt 96.844 starters, 41% van deze groep is een vrouw.

– Van de Belgische zelfstandigen in hoofdberoep (692.035) is 34% een vrouw (237.458).

– Bij de zelfstandigen in bijberoep stijgt het aantal vrouwen sterker dan het aantal mannen. Van alle Belgische zelfstandigen in bijberoep (234.001) is 38% een vrouw (89.289). Hun aantal nam met 100% toe ten opzichte van tien jaar geleden, en de vrouwelijke bijberoepers maken nu een kwart uit van het totaal aantal vrouwelijke zelfstandigen.

– In 2004 hadden 177.892 mensen een vrij beroep, eind 2014 waren dat er 286.016. Dat is een stijging met 61 procent. De vrouwelijke vrije beroepers namen echter toe met 69% (van 73.952 naar 124.935), en maken nu zo goed als de helft van deze groep uit (44%).

– 26.955 vrouwen zijn meewerkende echtgenotes, ten opzichte van slechts 3.536 mannen. Vrouwen kiezen maken dus 88% van de zelfstandigen uit in dit erg kwetsbare statuut, waarbij bijna alle sociale zekerheidsrechten door de partner opgebouwd worden.

– 6% van de zelfstandige vrouwen is nog actief na het pensioen, bij de mannen is dit 10%.

Leeftijd

– 45% van alle vrouwelijke zelfstandigen in hoofdberoep is tussen 40 en 55 jaar oud. Dit loopt gelijk met de mannen (46%).

– 46% van alle vrouwelijke zelfstandigen in bijberoep is tussen 30 en 45 jaar oud. Bij mannelijke bijberoepers ligt het zwaartepunt rond 40 à 50 jaar.

De grote kloof tussen het aantal mannelijke en vrouwelijke zelfstandigen ontstaat vanaf de leeftijd van 30 jaar. Dit komt ongeveer overeen met het moment waarop er kinderen in het gezin komen.

Soort onderneming

Vrouwen werken overwegend in de vrije beroepen (36% van alle zelfstandige vrouwen in België), en zijn ook sterk vertegenwoordigd in de handel (33% van alle zelfstandige vrouwen in België).

Vrouwen werken vooral in sectoren die gekenmerkt worden door hoge concurrentie, lage marges en hoge uitvalpercentages. Ze kiezen vaak voor activiteiten met een lage investeringskost, waardoor ze ook meer concurrentie ondervinden.

– 44% van de vrouwelijke zelfstandigen verdiende minder dan 7.500 euro het afgelopen jaar, ten opzichte van 33% van de mannen.

– 16% van de vrouwelijke zelfstandigen verdiende meer dan 25.000 euro het afgelopen jaar, ten opzichte van 28% van de mannen.

Specifieke motivatie

Vrouwelijke ondernemers zijn minder gemotiveerd door financiële drijfveren en status dan mannen. Ze kiezen voor het ondernemerschap omdat ze dan meer erkenning krijgen voor hun prestaties. Als motivatie noemen vrouwen vaker ontevredenheid met hun carrièrepad. Het gaat niet zozeer om de inhoud, maar wel om de carrièremogelijkheden.

Specifieke sterktes

Onderneemsters leggen meer nadruk op relaties en op inspraak door hun personeel en weten hoe te investeren in loyale werknemers. Creativiteit in de onderneming vinden vrouwen belangrijker dan mannelijke ondernemers.

Vrouwelijke ondernemers hebben bovendien 30% minder kans om failliet te gaan dan hun mannelijke collega’s. Dit zou te maken hebben met het feit dat vrouwen zich over het algemeen beter voorbereiden alvorens ze de spong wagen en ook tijdens hun ondernemerschap rationeel en berekend te werk gaan. Ze beginnen ook eerder klein en zijn minder gefixeerd op groei. Tot slot zijn vrouwen vaak minder beschroomd om externe hulp in te roepen wanneer ze met een probleem zitten.

Beperkingen

Onderneemsters ervaren echter ook beperkingen. Het stereotiepe beeld van de ondernemer is een blanke man tussen 40 en 60 jaar; de perceptie bestaat dat vrouwen minder competente ondernemers zijn. Vrouwen vinden eveneens dat ze minder menselijk kapitaal (kennis, vaardigheden en ervaring) en sociaal kapitaal (netwerken) bezitten dan mannen. Ook zeggen ze dat ze minder opportuniteiten detecteren om te ondernemen.

Vrouwen hebben bovendien minder vertrouwen in eigen kunnen (drie op de tien vrouwen versus vijf op de tien mannen) en hebben meer angst om te falen:  53% van de vrouwen die een opportuniteit ziet om een bedrijf te starten, is bang dat het niet zal lukken. Bij mannen is dat 33%.

De belangrijkste motivaties van vrouwen om niet zelfstandig te worden zijn de drang naar een vast inkomen, sociale zekerheid en vaste uren. Deze motivaties zijn meer uitgesproken bij vrouwen dan mannen. Ook hebben ze schrik voor de moeilijke combinatie tussen arbeid en gezin.

Tot slot zijn vrouwen zich bewust van het belang van formele zakennetwerken maar verkiezen vaker dan mannen om deze niet te gebruiken, ze leunen meer op informele netwerken (familie, vrienden…).

Specifieke noden

Onderneemsters hebben specifieke noden, in de eerste plaats kinderopvang. Dit gaat over aanvullende kinderopvang (voor zieke kinderen), uitbreiding voor- en buitenschoolse opvang, betere aansluiting van kinderopvang bij kleuter- en lager onderwijs, grotere flexibiliteit bij opvangcentra en kinderdagverblijven.

Ook hulp in het huishouden kan onderneemsters het leven makkelijker maken. Veel vrouwen weten niet dat ze na de bevalling recht hebben op 105 gratis dienstencheques die ze ten laatste 15 weken na de bevalling moeten opvragen.

Uitstroom

– 37% van de stoppers is een vrouw (6% van het totaal aantal zelfstandige vrouwen), 63% is een man (5% van het totaal aantal zelfstandige mannen). De helft van de vrouwen (52%) stopt tussen 25 en 45 jaar. De meesten van hen hadden een zaak die niet ouder was dan vijf jaar.

De combinatie werk en gezin blijkt een hoofdreden voor vrouwen om te stoppen. Desondanks worden ook vrouwen zelfstandig om werk en gezin net beter te kunnen combineren.

 

Bronnen:

Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen (toestand voor verzekeringsplichtigen op 31/12/2014)  – Global Entrepreneurship Monitor (GEM), 2012 – Flanders DC, onderzoeksrapport ‘Vrouwelijk Ondernemerschap in Vlaanderen. Onontgonnen creatief potentieel’, 2009 – Neutraal syndicaat voor zelfstandigen

Geplaatst in Nieuws, slider en getagd met .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.